Verhalen vertellen is Myrjams tweede natuur. Tekenen daarentegen vindt ze nog altijd keihard werken. Maar voor haar passie voor strips heeft ze veel over. Zeer veel. Zelfs een academische carrière als professor in de psychologie.

Drie maanden geleden zegde Myrjam haar job in een hr-consultancybedrijf vaarwel. Het was dat of stilletjes wegkwijnen. Nu is ze als debuterende striptekenaar in de running voor een prestigieuze prijs. Het thema van haar inzending? Voluit jezelf durven zijn. Doen wat jij wil, niet wat anderen van je verwachten. En dat is eigenlijk meteen ook het motto van haar eigen carrièreswitch. Én van haar verhuis naar Nieuw-Zeeland over een paar weken.

_MG_9298
WIE IS MYRJAM VAN DE VIJVER? 28 jaar | vroeger: doctoranda, hr-consultant | nu: visual storyteller | diploma’s: bedrijfspsychologie | woont samen met haar vriend Stijn | verhuist straks naar Nieuw-Zeeland
Was je voorbestemd om striptekenaar te worden?

Ik denk het niet. Ik ben er eerder in gerold. Ik was wél voorbestemd om iets creatiefs te gaan doen. Toneel spelen lag me wel. En ik heb altijd graag getekend. Maar ik had net zo goed voor illustratie of animatie kunnen kiezen. Dat zou ik waarschijnlijk met evenveel plezier doen als striptekenen.

Hoe kwam je dan uit al die opties toch bij strips terecht?

Als kind verslond ik strips. Tot ik webcomics ontdekte. Dat was iets nieuws wat mij enorm aantrok. Ik tekende toen al vaak één-pagina-illustraties. En toen een vriend me in mijn studententijd de langste mop van de wereld vertelde, wist ik meteen dat ik daarmee iets moest doen. Wat als ik die nu es in een absurde webcomic goot en elke dag een episode publiceerde? In die tijd luisterde ik veel naar podcasts van striptekenaars en andere creatievelingen. Een hele nieuwe wereld ging voor me open: zo tof, zo complex, en er zat zoveel achter. Ik ontdekte dingen waar ik nooit aan had gedacht.

Ik wou mensen vooral begrijpen, snappen waarom ze doen wat ze doen. Wat drijft iemand om een moord te plegen? Waarom valt iemand altijd op foute mannen?

Je noemt jezelf eigenlijk liever ‘visual storyteller’ dan striptekenaar. Wat betekent dat voor jou?

Het liefste wat ik doe is mijn eigen verhaal vertellen. Ik was zo’n kind dat altijd met een boek rondliep. Vijf romans heb ik proberen te schrijven. Maar dat liep stroef, zeker in het Nederlands. Op plaatsbeschrijvingen liep ik vast. Dialogen waren dan wel weer mijn ding. Tot ik besefte dat ik alles wat ik niet kon schrijven, wél kon tekenen. Al frustreert tekenen me nog altijd. Perspectief tekenen heb ik bijvoorbeeld nog niet volledig onder de knie. Maar strips trekken me zo enorm aan omdat je in je eentje kan vertellen in beelden. Voor mij is dat visual storytelling. Dat reikt veel verder dan alleen maar tekenen. 

_MG_9308

En toch koos je op je achttiende niet voor een artistieke opleiding maar voor psychologie. Vanwaar die studiekeuze? 

Geen idee. Op mijn dertiende wou ik nog archeologe worden. En nee, dat kwam niet door Indiana Jones (lacht). Als ik nu terugblik, denk ik dat ik voor psychologie koos uit interesse voor mensen. Klinische psychologie leek me wel wat. Maar ik wou mijn dagen niet slijten tussen alleen maar zieke mensen. Dus werd het bedrijfspsychologie, al kreeg ik het ook niet echt warm van het kapitalistische gedachtengoed. Ik wou mensen vooral begrijpen, snappen waarom ze doen wat ze doen. Wat drijft iemand om een moord te plegen? Waarom valt iemand altijd op foute mannen? Dat boeit mij nog altijd mateloos.

Lange tijd vond ik dat ik 5 jaar van mijn leven had verloren aan mijn psychologiestudies, 5 jaar die ik beter had kunnen gebruiken om te leren tekenen.

Misschien hebben je psychologiestudies van jou net een betere striptekenaar gemaakt!

Ze maken een betere verteller van me, niet per se een betere tekenaar. Ze helpen zeker om personages genuanceerder neer te zetten. Ik gebruik vaak een persoonlijkheidsmodel uit de psychologie om mijn karakters te begrijpen en te verbeelden.

_MG_9389

Dus je studies waren niet verloren?

Nee, zeker niet. Al heb ik het daar lang moeilijk mee gehad. Lange tijd vond ik dat ik 5 jaar van mijn leven had verloren aan mijn psychologiestudies, 5 jaar die ik beter had kunnen gebruiken om te leren tekenen. Maar dat besef kwam pas later. Ik was er stellig van overtuigd dat ik zou doctoreren om professor te worden en de rest van mijn leven aan de universiteit zou slijten. Ik studeerde af en begon quasi meteen daarna aan mijn doctoraat, over de ontwikkeling van een nieuwe selectietest. Maar ik voelde al snel dat het mijn ding niet was. Alleen wou ik dat toen niet aan mezelf toegeven.

Al die tijd had ik de schijn opgehouden. Behalve met mijn vriend had ik er met niemand over gepraat.

Waarom werd je als doctoraatsstudente zo ongelukkig aan de universiteit?

Ik kwam er in een isolement terecht. Moederziel allen zat ik in mijn kantoor. “Het eerste jaar doe je niets anders dan artikels lezen”, kreeg ik te horen. Zo deprimerend! Zelfs toen ik naar een kantoor met 2 collega-onderzoekers verhuisde. We werkten elk op een ander domein, van echt samenwerken was geen sprake. Het ging van kwaad naar erger. Ik kwam zeker 2 avonden per week al wenend thuis van mijn werk. Tot ik na zo’n zielloze werkweek een mail kreeg van mijn doctoraatspromotor over een opdracht die hij moest nakijken: “Dit kan zo niet verder. Wat is er aan de hand?” Toen ben ik volledig ingestort. Al die tijd had ik de schijn opgehouden. Behalve met mijn vriend had ik er met niemand over gepraat. Dat weekend ben ik 4 uur lang met mijn ouders gaan praten. “Als striptekenen echt je droom is, ga er dan voor”, was hun conclusie. En toen ben ik opgestapt aan de universiteit.

_MG_9339

Je werkte je doctoraat niet af. Waar kwam je daarna terecht?

Thuis, alleen, een jaar lang. Allesbehalve ideaal. Ik had me voorgenomen om die lange mop verder uit te werken in mijn allereerste webcomic: The Little Monks. Als ik nu terugkijk naar die allereerste afleveringen besef ik pas dat ik echt van nul begon. Hoe kon ik ooit denken dat zoiets goed genoeg was voor publicatie? Zo slecht getekend! Anatomie, vorm, plaatsing van de tekstballonnen, variatie in de shots … werkelijk alles rammelde.

Soms ben ik teleurgesteld als mensen beweren dat ik talent heb. Want dat doet afbreuk aan al die ontelbare uren hard werk die ik erin gestopt heb.

Waar heb je de kneepjes van het vak dan geleerd?

Tijdens mijn psychologiestudies ben ik aan de academie begonnen. Ik liep er al 4 jaar over te twijfelen. “Je zit al zo vaak over je bureau gebogen. Zou je niet beter sporten?”, vonden mijn ouders. Maar ik ben mijn hart gevolgd. Eerst 3 jaar tekenles, en daarna illustratie. Strips tekenen heb ik echt al doende geleerd. Ik keek bijvoorbeeld op internet hoe anderen neuzen tekenden, en dan ging ik keihard oefenen op neuzen tekenen. Of ik volgde online tutorials, ik pikte links en rechts een uitspraak op die me inspireerde, … En dan proberen, en opnieuw beginnen. Uren aan een stuk.   

Los van hard werken en veel oefenen moet je toch ook gewoon tekentalent hebben?

Ik heb echt geen tekentalent. Weet je, mijn vader is Belgisch kampioen geweest op de 400 en 800 meter lopen en zei over zijn prestaties: “10% is talent en 90% is training”. Ik geloof dat echt, en ik ben niet de enige. Het klinkt misschien vreemd, maar soms ben ik teleurgesteld als mensen beweren dat ik talent heb. Want dat doet afbreuk aan al die ontelbare uren hard werk die ik erin gestopt heb. Ik heb nog altijd het gevoel dat ik heel hard moet werken om het te kunnen. Aan de academie was ik ook niet bij de besten. Ik bengelde ergens achteraan de klas. 

_MG_9340

De advocaat van de duivel zou je gek verklaren: een droom najagen waarvoor je naar eigen zeggen geen talent hebt!

Tekenen kost me zeer veel moeite, dat is waar. Maar het moeilijke trekt mij aan. Dat is ook één van de redenen waarom ik zo ongelukkig werd van mijn opdrachten als doctoraatsstudente. “Geef dit aan een kind van 12 en het kan het ook”, dacht ik. Ik verveel mij meteen met iets dat te gemakkelijk is, dat een automatisme kan worden. Ik heb echt uitdagingen nodig.

Ik zat op een fantastische tekenconferentie in Berlijn toen ik telefoon kreeg dat ik 2 weken later mocht beginnen als hr-consultant. Iemand anders zou bij zo’n nieuws een gat in de lucht gesprongen zijn; ik kon alleen maar keihard wenen.

Is het volgens jou dan een kwestie van discipline?

Ik zou mezelf 10 jaar geleden nooit gedisciplineerd genoemd hebben. Op de middelbare school stak ik geen poot uit. In examentijd las ik liever Harry Potter dan te studeren (lacht). Het is geen discipline, het is écht pure passie. Ik kan er niet mee stoppen. Zelfs op vakantie heb ik altijd en overal mijn schetsboek bij. Er is echt niks dat ik liever doe dan dit. En eerlijk? Er speelt ook angst mee. Angst dat ik nu helemaal voor iets ga dat niet lukt, en dat ik terug moet naar een ‘saaie job’. Ik ben het mezelf verschuldigd om er keihard voor te werken.

_MG_9315

Ondanks die passie ging je na je jaar ‘op pauze’ toch terug aan de slag in een groot hr-consultancybedrijf.

Ik moest wel. De VDAB (Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling, n.v.d.r.) trok aan mijn mouw. Ze vonden die job perfect bij mijn cv passen. Ik ging op gesprek en deed opzettelijk niet te hard mijn best. En toch wilden ze me aanwerven (lacht). Ik zat op een fantastische tekenconferentie in Berlijn toen ik telefoon kreeg dat ik 2 weken later mocht beginnen als hr-consultant. Iemand anders zou bij zo’n nieuws een gat in de lucht gesprongen zijn; ik kon alleen maar keihard wenen.

Toen ik m’n contract moest gaan tekenen, ben ik gewoon open geweest : ik was echt niet op mijn best geweest op dat sollicitatiegesprek, hoe konden ze me dan willen? “Wil je deze job dan wel echt? Ga naar huis en denk er nog es goed over na”, klonk het zeer begripvol. Terwijl ik stiekem hoopte dat ze me dan al zouden laten stikken (lacht). Thuis heb ik met mijn vriend zitten becijferen wat een jaar werken zou betekenen. We konden de centen gebruiken, want hij moest nog een jaar aan zijn afstudeerthesis werken. Toen hebben we een pact gesloten: “We doen allebei een jaar iets tegen onze zin en daarna trekken we naar het buitenland.”

Ondertussen ging ik 2 avonden per week naar de academie en stond ik elke dag om 5 uur op om te tekenen voor ik naar mijn werk trok.

Hoe heb je het daar als hr-consultant een jaar volgehouden?

Met veel tegenzin. Ik moest selectie-oefeningen schrijven, in het Engels. “Goed om mijn schrijfstijl te verbeteren”, probeerde ik mezelf nog te motiveren. Ik heb echt mijn best gedaan en ze waren zeer tevreden over m’n werk. Dat hielp, want ik mocht al snel van voltijds naar een 4-dagenwerkweek switchen. Ik trof er zeer begripvolle managers die wisten dat ik droomde van een leven als striptekenaar en snapten dat ik daar tijd voor wou. Ondertussen ging ik 2 avonden per week naar de academie en stond ik elke dag om 5 uur op om te tekenen voor ik naar mijn werk trok. Dit voorjaar begon ik in mijn vrije tijd met een online cursus ‘character design’. En toen die net voor de zomer afliep heb ik ontslag genomen.

_MG_9294

En nu ga je voluit voor je droom! Wat wil je als striptekenaar bereiken?

Ik wil mijn eigen strips kunnen tekenen en schrijven en daar kunnen van leven. Ik hoef geen beroemdheid of miljonair te worden. Maar ik wil er mijn brood mee verdienen zonder veel kopzorgen. Ik wil de Vlaamse Craig Thomphson worden. Hij is mijn grote voorbeeld. Met zijn verhalen weet hij mensen diep te raken. Dat wil ik ook.

Eén van de leraars werkte ooit nog bij Disney. Een echte mentor in hart en nieren. Zijn feedback was goud waard. Nu heb ik eindelijk het gevoel dat ik iets kan maken dat ik goed genoeg vind.

Wat zijn je volgende stappen om die droom waar te maken?

Tot nu toe was beter worden mijn enige focus. Ik had zeer weinig zelfvertrouwen. Die online cursus ‘character design’ heeft mijn leven in amper 10 weken tijd compleet veranderd. Eén van de leraars werkte ooit nog bij Disney. Een echte mentor in hart en nieren. Zijn feedback was goud waard. Nu heb ik eindelijk het gevoel dat ik iets kan maken dat ik goed genoeg vind. Ik voel me zelfzeker genoeg om met mijn werk naar een uitgever te stappen. Ik ben net met een nieuwe strip door naar de tweede ronde van de Young Talent Award van Yieha, een grote wedstrijd voor jonge beloftes die hopelijk veel deuren zal openen. Ik heb niks te verliezen.

Waarover gaat je verhaal voor die talentenwedstrijd?

Ik heb een hedendaags liefdesverhaal uitgewerkt over een tienermeisje. Voor het eerst, want ik schrijf meestal goofy fantasy, een beetje science fiction. Een totaal ander genre. Maar toen ik een podcast hoorde over de typische kenmerken van een liefdesverhaal, wou ik er meteen ook een proberen te maken. Weer iets moeilijks? Ja, inderdaad. Ik hou van uitdaging. “Challenge accepted”: dat is mijn motto (lacht). Ik koos als thema iets waar ik zelf ook lang mee geworsteld heb: volledig jezelf zijn in plaats van te doen wat anderen van je verwachten.

Ik was niet dom en iedereen verwachtte dat ik naar de universiteit zou trekken, dus deed ik dat. Ik besefte niet eens dat er ook andere opties waren. Als ik echt diep vanbinnen had gekeken, had ik toen al moeten zien dat het niks zou worden. Er zijn veel te veel mensen die constant een schild opzetten en daaronder lijden. Dus maakte ik daar de boodschap van m’n liefdesverhaal van: “je moet je ware zelf durven tonen zodat anderen van je kunnen houden”.

_MG_9226
Wat staat er verder nog op je planning?

Alles en niks! Volgende week woon ik een tekenconferentie bij in Rome. Vooral naar de portfolio reviews kijk ik heel erg uit. Dan krijg ik feedback op mijn werk van rasechte verhalenvertellers: grote namen van bij Disney, Pixar en heel wat andere animatiehuizen. Of mijn naam straks op de aftiteling van een grote tekenfilm prijkt? Het liefst van al schrijf ik mijn eigen strips. Maar een tekenfilm, dat is de op één na beste optie (lacht).

Ik heb altijd geschreven en getekend. Alleen besefte ik niet dat dat een bijzonder talent was. Ik dacht gewoon dat andere kinderen dat thuis ook deden.

Emigreer je dan straks niet beter naar de States in plaats van naar Nieuw-Zeeland?

Nee hoor, Het wordt Nieuw-Zeeland. Dat is wat mijn vriend en ik altijd al wilden. Al betekent dat ook dat ik er weer een ‘saaie’ job moet zoeken voor de centen. Net nu ik hier in België contacten begin op te bouwen en mijn plannen als striptekenaar in een stroomversnelling komen. Maar als we iets zots willen doen, dan moet het nu, voor er kinderen komen. En dan neem ik er wel een ‘shitty’ job bij. Met wat geluk kan ik er les geven. Dat ligt mij wel. Gelukkig hebben we allebei flink gespaard om een paar maanden te overbruggen. Hoe lang we blijven? Geen idee. Ik wil het liefst terugkomen om hier een gezin te beginnen. Maar wie weet blijven we er wel voor altijd. Of vinden we het een kutland en keren we al na 2 maanden terug uit heimwee (lacht). 

Je bent 28. Hoe vaak heeft men je al gevraagd of dit niet gewoon je ‘quarterlife crisis’ is?

Nog nooit eigenlijk. Nee, dit is echt mijn ding. Ik ben nu op de plek waar ik hoor. Ik was nooit al die tijd om 5 uur mijn bed uit geraakt om te tekenen als het maar een fase was geweest. Al twijfelde ik daar soms wel aan: “Geef ik nu niet alles op voor iets dat weer voorbij waait?” Nu weet ik dat ik altijd verhalen zal blijven vertellen. Ik zie mij nog zitten, als klein meisje, samen met de andere kinderen van het Franse dorpje waar wij toen woonden. ’s Zomers verzamelden we er op een picknickbank onder een boom voor de verhalen van Mamiche, een gepensioneerde lerares. Ik hing aan haar lippen! Het zat er toen al in: ik heb altijd geschreven en getekend. Alleen besefte ik niet dat dat een bijzonder talent was. Ik dacht gewoon dat alle andere kinderen dat thuis ook deden.

https://myrjamvdv.wordpress.com/
www.thelittlemonks.com

(interview & foto’s: Wendy Rosseel – september 2016)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *