Haar boterham verdienen als visagiste? Haar ouders hadden er grote vraagtekens bij. Ondernemer worden? Dat was wel het laatste waar ze zelf van droomde. En toch is An Cornelis gelukkiger dan ooit sinds ze kankerpatiënten helpt stralen in haar eigen make-upstudio.

An ontvangt ons in hun gloednieuwe huis in Reet. Samen met haar man is ze nog maar pas in de verbouwingen gevlogen. Van een badkamer of keuken nog geen spoor, maar haar make-upstudio is wél al af. Het moet vooruitgaan voor An, dat is duidelijk. Een doortastende loopbaancoach en een flinke portie lef: meer had ze 2 jaar geleden niet nodig om voluit te kiezen voor haar talent. Straf? “Dat ik mijn kinderen nu toon dat je mag doen wie je bent, daar ben ik nog het meeste trots op”, zegt ze, zichtbaar ontroerd.

WIE IS AN CORNELIS? 31 jaar | vroeger: jobcoach & recruiter voor de bouwsector | nu: visagiste in haar eigen zaak bien swANjee | diploma: sociale readaptatiewetenschappen | gehuwd met Roel, mama van 2 dochters | woont en werkt in Reet (BE)
WIE IS AN CORNELIS? 31 jaar | vroeger: jobcoach & recruiter voor de bouwsector | nu: visagiste in haar eigen zaak bien swANjee | diploma: sociale readaptatiewetenschappen | gehuwd met Roel, mama van 2 dochters | woont en werkt in Reet (BE)
Nooit zelfstandige willen worden en nu je eigen zaak uit de grond stampen. Vertel …

Mijn ouders zijn landbouwers. Keihard werken is dat, overleven bijna. Mijn zussen en broers zijn ook ondernemers. Ik kende het dus maar al te goed: werken werken werken, de financiële onzekerheid, … Geen haar op mijn hoofd dat eraan dacht om ook zelfstandige te worden. No way! Maar bij mijn loopbaancoach ontdekte ik hoe eigenwijs ik eigenlijk wel ben. Ik wou de dingen altijd al zelf doen, alleen, op mijn manier. “Het is niet omdat je sociaal bent dat je ook goed met anderen kan samenwerken”, kreeg ik te horen. Best wel confronterend.

Want je werkte eerst 10 jaar lang als ambtenaar aan de overheid?

Klopt. Ik studeerde af in juni en kon in oktober meteen bij de VDAB (Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling, nvdr.) aan de slag. Eerst als jobcoach voor mensen die na een lange periode van werkloosheid terugkeren naar de werkvloer. Daarna als recruiter voor de bouwsector. Ik heb 5 jaar op een project met bouwfirma’s en scholen gewerkt rond opleidingen, vacaturewerking, noem maar op.

_MG_9543

Je had het er wel naar je zin?

Ik heb er in elk geval veel geleerd. Het ene moment zat ik aan tafel met de eigenaars van grote bouwfirma’s, het andere moment begeleidde ik onervaren stagiairs. Het boeide mij om te ontdekken hoe verschillend mensen wel niet zijn en hoe je met die verscheidenheid omgaat. 

Ik kwam thuis van het eerste gesprek en mijn ontslagbrief zat al helemaal klaar in mijn hoofd. Mijn man werd lijkbleek toen ik het hem vertelde.

En toch ging je 2 jaar geleden loopbaancoaching volgen. Waarom?

Onze eerste dochter sliep enorm slecht. Ik werd doodmoe van al die slapeloze nachten en kreeg het allemaal niet meer gecombineerd. Maar een goede moeder moest er toch zijn voor haar kinderen? Dat had ik thuis met de paplepel mee gekregen. Dus ging ik deeltijds werken. Mijn man vond dat al maar niets voor mij. En hij had gelijk, het bleef knagen. Het bleek niet de combinatie gezin-werk te zijn die me parten speelde, het was gewoon de job zelf. De routine, het systeem, alles eigenlijk. Mijn projectcoördinator raadde me toen loopbaanbegeleiding aan. Misschien kon ik zo binnen VDAB doorstromen naar een andere afdeling. Ik heb het uitgesteld tot onze jongste dochter naar school ging. Maar dan moest ik echt af van dat uitputtende “is dit het nu?”-gevoel. Ik had 3 weken verlof, ideaal voor die loopbaangesprekken.

_MG_9532

En toen had je al aan één gesprek met je loopbaancoach genoeg om je ontslagbrief te schrijven?

Ik kwam thuis van het eerste gesprek en mijn ontslagbrief zat al helemaal klaar in mijn hoofd. Mijn man werd lijkbleek toen ik het hem vertelde. Ik had totaal nog geen idee van wat ik zou gaan doen. “Moet je daar eerst niet es diep over nadenken?” opperde hij. Maar dat ik weg moest, daar twijfelde ik geen seconde meer aan. De knop in mijn hoofd was omgedraaid. Ik zag door die coaching ook plots in dat iemand anders veel beter op mijn stoel zou passen.

En wat moest ik met dat zorgende? Toch niet de verpleging in? Ik word al hysterisch als ik mijn kinderen nog maar zie vallen (lacht).

Wist je dan meteen dat je visagiste zou worden?

T-o-t-a-a-l niet. Maar zo’n coachingtraject reikt je wel technieken aan om te achterhalen wat je écht wil. Mijn loopbaancoach vroeg me om de volgende keer 5 post-its mee te brengen. Ik moest er lukraak een dag uit kiezen en op elke post-it iets schrijven wat me die dag voldoening had geschonken. Maar ik had verlof, dus ik was gewoon thuis. Paniek! (lacht) Wat moest ik opschrijven? Dat ik mijn kinderen had berispt, de was had geplooid, had opgeruimd? Ik haat huishouden! Maar ik moest en ik zou die 5 post-its vullen. Ik was bezig geweest met plantjes in de tuin, had onze nieuwe meubels gemonteerd en mooi geschikt, oppas voor de kinderen geregeld, … Dus schreef ik dat op. De banaalste dingen eigenlijk. Ik schaamde me ervoor. Nergens voor nodig, vond mijn coach. 

Wat was de uitkomst van die coachingoefening?

Mijn loopbaancoach paste de post-its als een puzzel in elkaar en zei: “eigenlijk is het zo klaar als een klontje: jij bent een mooimaker, je zorgt graag voor anderen, en je bent een geboren planner en organisator”. Ik herkende dat wel, maar ik vond dat allemaal doodnormale, vanzelfsprekende vaardigheden. Hoe puur je daar in godsnaam een job uit? En wat moest ik met dat zorgende? Toch niet de verpleging in? Ik word al hysterisch als ik mijn kinderen nog maar zie vallen (lacht).

Make-up? Komaan, ik zou toch niet voor zoiets oppervlakkigs kiezen? Schminken, ik, de dochter van hardwerkende boeren?

Maar toen herinnerde mijn man me aan mijn stages als student sociale readaptatiewetenschappen. Ik begeleidde toen kinderen in het kinderziekenhuis, mensen met autisme op de werkvloer, later ook nog patiënten in de psychiatrie. En hij had gelijk. Ik haalde daar telkens weer zoveel voldoening uit. Ik besefte hoe ik toen al in dat zorgende aspect groeide.

_MG_9551

Hoe ben je dan uiteindelijk bij visagie beland? En waarom specifiek voor mensen met kanker?

Ik gaf het eerst niet graag toe, maar op vriendinnenweekend vond ik het echt fijn om de anderen te maquilleren. Ze vonden dat ik dat goed kon. Op mijn 18e had ik wel al es met het idee gespeeld om visagiste te worden, maar mijn ouders vonden dat geen ‘echte’ job. En ik zat zelf ook vol vooroordelen. Make-up? Komaan, ik zou toch niet voor zoiets oppervlakkigs kiezen? Schminken, ik, de dochter van hardwerkende boeren?

Maar toen dacht ik aan mijn broer die op zijn 25e kanker kreeg. In die periode trouwden mijn 2 zussen en hij zag vreselijk op tegen die feesten en de commentaren van de andere gasten. Hij was graatmager, kaal, bleek. Als hij – een jongeman die nu ook niet meteen bekend stond als ijdeltuit – er al zoveel moeite mee had, hoe moest het dan niet zijn voor mensen die wél veel belang hechten aan hun uiterlijk? “Foert”, dacht ik. Dat is wat ik ga doen. Het is mijn leven. Niemand anders moet voor mij beslissen. Ik zou mensen met kanker mooi gaan maken.

Hoeveel tijd zat er tussen dat idee en je eerste klant?

Een paar maanden maar. Ik nam meteen de telefoon en begon rond te bellen. Naar artsen, Kom op tegen Kanker, andere organisaties, … “Doen!”, klonk het overal, “hier is echt vraag naar. Niet twijfelen.” Ik ontdekte bovendien dat ik niet alleen kankerpatiënten kon helpen, maar ook mensen die zichzelf niet konden maquilleren door een spierziekte, mensen in palliatieve zorg, … De mogelijkheden werden alsmaar breder. Ik maakte een meerjarenplan met concrete doelstellingen. Drie weken later legde ik het mijn loopbaancoach voor. “Zo snel al, dat maak ik zelden mee”, reageerde ze.

 width=

Had je de technische visagie-skills dan eigenlijk al onder de knie?

Nee, maar ik nam al mijn overuren en verlofdagen op om een cursus visagie te gaan volgen. Een paar weken later nam ik ontslag. Maar die cursus viel tegen. De focus was te eng, ik wou meer dan mode en fashion. Even begon ik te twijfelen aan mijn keuze. Waar was ik aan begonnen? Maar ik moest en zou slagen. Via internet kwam ik bij een hair & make-up artist terecht die al met kankerpatiënten had gewerkt. Meer dan een half uur hing ik met haar aan de lijn. Ze moest es weten hoe dankbaar ik haar nog altijd ben. Zij raadde mij een andere opleiding aan. En daar voelde ik me wel als een vis in het water.

Alhoewel ik daar wel een beetje de vreemde eend in de bijt was, tussen al die 18-jarigen die alle hippe make-upbloggers kenden en uren over beautyproducten konden doorgaan. “Primers? Fond de teint? Waar hebben ze het over?”, om dan ’s avonds als volslagen groentje alles op te zoeken op internet (lacht). Maar ik boekte snel vooruitgang. Een bevriende apothekeres maakte me wegwijs in de wereld van speciale verzorgingsproducten. Van de artsen en specialisten met wie ik ging praten leerde ik waarop ik moest letten. En ondertussen oefende ik me te pletter. Ik verzorgde feestmake-ups om snel veel praktijkervaring op te bouwen.

Al goed dat ik vooraf niet kon inschatten hoe zwaar de financiële onzekerheid op me zou wegen. Ik had de stap anders nooit gezet.

Je man lijkt wel je grootste supporter, niet? Waren je ouders ook meteen voor je carrièreswitch gewonnen?

Mijn man is inderdaad mijn grootste fan (lacht). Ik vond het van in het begin belangrijk dat hij achter me stond. Anders voelt het niet goed. Mijn ouders? Die verklaarden me gek natuurlijk. Ik was de enige van hun 4 kinderen die verder had gestudeerd. In hun ogen gaf ik een prachtjob met mooie voordelen op, en waarvoor dan nog… “Stel je es in mijn plaats”, vroeg ik mijn vader, “zie jij jezelf de rest van je leven op een bureaustoel slijten?” Nee dus. Maar weet je, zelfs zonder hun goedkeuring had ik doorgezet. Het is mijn leven. Ondertussen zijn ze wel al bijgedraaid hoor.

_MG_9545

Je bent nu ongeveer anderhalf jaar bezig. Hoe loopt het?

Trager dan ik vooraf had gehoopt. Op financieel vlak dan. Want als ik overloop wat ik in dat anderhalve jaar allemaal heb gedaan, dan is dat best wel al veel. Maar dat succes vertaalt zich nog niet op mijn bankrekening. Over een jaar moet dat wél goed zitten. Ik wil niet eeuwig aan mijn kinderen moeten uitleggen dat we soms wat op de centjes moeten letten. Daarom neem ik er ook es een commerciële opdracht bij, een fotoshoot of zo, al blijft visagie met zorg m’n focus. 

Heb je die financiële onzekerheid onderschat?

Ik kende dat natuurlijk wel. Ik heb genoeg gezien hoe moeilijk mijn ouders en broer en zussen het als zelfstandigen soms hebben. Maar ik heb de impact ervan toch onderschat. Al goed dat ik vooraf niet kon inschatten hoe zwaar de financiële onzekerheid op me zou wegen. Ik had de stap anders nooit gezet. Ik haat het om in die opstartfase terug te moeten vallen op mijn man. Soms moet ik daar echt om wenen. Ik hoef geen grote luxe, maar het idee van afhankelijkheid vind ik lastig. Maar ik heb een meerjarenplan en ik weet waar ik naartoe werk. En als het niet lukt, ben ik nuchter genoeg om bij te sturen. Dan word ik wel halftijds kassierster in de supermarkt (lacht). Een plan B heb ik niet. Maar ik vind zoveel dingen interessant. Ik vind altijd wel mijn weg.

Het commerciële aspect vind ik ook niet evident. Je idee klopt, je bent super gedreven, maar dan moet je het nog bekend krijgen bij de juiste mensen. Het is een kwestie van geduld. Maar ik wil dat beter aanpakken, meer doen, op een efficiëntere manier. Eerst onze verbouwingen, en dan neem ik dat es goed onder handen.

_MG_9586
Wat motiveert jou om door te zetten?

De voldoening die ik haal uit het contact met mijn klanten. Ik weet dat ik goed bezig ben als ik zie dat ze hun emoties durven tonen. Als ze de tranen durven laten komen, maar ook de lach. Of hun verhalen niet te veel aan mijn ribben blijven plakken? Dat valt best wel mee. Hoe groot mijn inlevingsvermogen ook is, ik kan dat toch redelijk goed van me af zetten. Dat kon ik vroeger bij de VDAB ook al. De mensen met wie ik daar werkte streden niet om hun leven, maar het liep bij hen ook niet van een leien dakje. Ik zag en hoorde daar ook veel ellende.

Aan futiliteiten wil ik geen tijd meer verspillen. Wat ik doe moet waardevol zijn. De mensen waarmee ik me omring moeten me energie geven.

Wat ik nog het fijnste vind, zijn de ontmoetingen met al die boeiende mensen die nu op mijn pad komen. In mijn vorige job beet ik toch mijn tanden stuk op de routine. Ik ben nu aangesloten bij een ondernemersnetwerk en ik leef daar echt van op. Zo’n gesprekken met andere ondernemers kunnen nog dagenlang in m’n hoofd nazinderen. Ik heb dat nodig, die prikkels en uitdagingen.

En je klanten, wat leer je van hen?

Ze leren me wat wel en niet belangrijk is in het leven. Ik sta daar dankzij hen veel meer bij stil. Aan futiliteiten wil ik geen tijd meer verspillen. Wat ik doe moet waardevol zijn. De mensen waarmee ik me omring moeten me energie geven. Ik ben door mijn klanten ook gaan snappen dat ik anderen oprecht gelukkig kan maken met mijn talent. Door gewoon te doen waar ik goed in ben, zonder dat het me veel moeite kost. Ik vond dat vroeger allemaal veel te vanzelfsprekend. 

Nu pas besef ik dat die carrièreswitch niet alleen voor mezelf een zegen was, maar ook voor mijn dochters.

Is dat je grootste trots?

Nee, ik ben eigenlijk nóg veel trotser op de openheid en vrijheid die ik mijn kinderen meegeef. Met mijn job toon ik hen dat je mag doen wie je bent. Make-up oppervlakkig? Ze weten ondertussen wel beter. Laat ze maar ontdekken waar ze warm voor lopen. Onze oudste is dol op toneelspelen en gedichtjes voordragen. Dus mag ze deze zomer op musicalkamp. “Keihard werken, niet klagen, studeren voor een mooi diploma”: ik wist als klein meisje niet beter. Maar laat die kinderen maar proberen, laat ze maar es gek doen. Ze komen er wel. Nu pas besef ik dat die carrièreswitch niet alleen voor mezelf een zegen was, maar ook voor mijn dochters.

www.bienswanjee.be

(interview & foto’s: Wendy Rosseel – mei 2017)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *